Beleggen: laat u goed informeren
U belegt wanneer u iets koopt waarvan u hoopt dat het later meer waard wordt. Op die manier verdient u er geld mee. U kunt op allerlei manieren geld beleggen. De bekendste zijn: aandelen, obligaties, opties, beleggingsfondsen. Maar u kunt ook beleggen in stoffelijke zaken, als onroerend goed, kunst, goud en dergelijke. Het belangrijkste verschil tussen de diverse beleggingsvormen is de opbrengst en het risico. Veelal geldt: hoe meer winst u er mee kunt behalen, hoe groter het risico. Dus ook op verlies.
Wat brengt het op?
Rente of dividend
Dat verschilt per type belegging. Bij bepaalde beleggingen ontvangt u jaarlijks een vergoeding:
- Rente, bij obligaties.
- Dividend, bij aandelen.
De uitkering is vaak afhankelijk van hoe goed een bedrijf loopt. Het risico bestaat dus dat een bedrijf waar u in belegt, weinig of geen vergoeding uitkeert, omdat het geen goed jaar heeft gedraaid
Koerswinst
Bij de meeste beleggingen zit de opbrengst vooral in de koerswinst. U hoopt dat u uiteindelijk de belegging voor meer geld verkoopt dan u het heeft gekocht. Dan maakt u winst. Soms krijgt u minder voor uw belegging terug dan u aan het begin heeft betaald. Dan lijdt u dus verlies.
Kijk naar het nettorendement
Bij beleggingen spreekt men vaak van het rendement om aan te geven wat de belegging u oplevert. Het is belangrijk om te kijken of het gaat om het bruto- of het nettorendement. Kijk vooral naar het nettorendement. Bij het brutorendement zijn de kosten en premies nog niet van de opbrengst afgetrokken. Daardoor lijkt het alsof u meer krijgt dan het uiteindelijk is.
Vraag ook altijd goed of een genoemd rendement bruto of netto is. Dan komt u later niet voor verrassingen te staan.
Let op! Het nettorendement geeft een indicatie, maar is geen garantie dat u dat rendement ook behaalt. Het hangt ervan af of de beleggingen goed lopen.
Lees meer over rendementen op de site van de AFM.
Wat kost beleggen?
Beleggen is niet gratis. Hoe hoog de kosten zijn, is afhankelijk van:
- het soort belegging;
- de hoogte van het belegde bedrag;
- of u volledig zelf belegt, van tevoren deskundig advies in wint of uw belegd vermogen volledig door iemand anders laat beheren.
Verschillende termen voor kosten
Het is belangrijk om te weten dat er niet één specifieke naam is voor de kosten van beleggen. Dit zijn veelgebruikte termen:
- aankoopprovisie
- transactiekosten
- administratiekosten
- beheerskosten
Vraag goed na met welke kosten u te maken heeft voordat u gaat beleggen.
Hoogte van de daadwerkelijke kosten
Het is moeilijk om inzicht te krijgen in de hoogte van de daadwerkelijke kosten. Aanbieders van beleggingen gebruiken namelijk verschillende manieren om de kosten uit te drukken:
- Een percentage van het geld dat u inlegt (ofwel het geld dat u gaat beleggen).
- Een vast bedrag.
- Een vast startbedrag met daarnaast een variabel tarief per euro die u belegt.
- Het verschil tussen het bruto- en nettorendement.
Tip! Reken de kosten om in een totaal bedrag in euro’s. Dan weet u exact hoeveel u kwijt bent om te gaan beleggen. Dat maakt het ook gemakkelijker om verschillende aanbieders van beleggingen met elkaar te vergelijken.
Kosten voor de financiële dienstverlener
Maakt u gebruik van een financieel adviseur of vermogensbelegger? Vraag dan goed na welke kosten hij hiervoor rekent en hoeveel provisie hij ontvangt. De adviseur moet een zogenaamd Dienstverleningsdocument overhandigen, waarin staat wat hij doet en tegen welke kosten. Reken dit ook om in een bedrag in euro’s om meer duidelijkheid te krijgen over de prijs.
Vraag ook meteen om de Financiële Bijsluiter. Dit geeft inzicht in de kosten van een beleggingsproduct.
Sparen of beleggen?
Het geld dat u ‘verdient’ met beleggen kan meer zijn dan het geld dat u aan vermogen opbouwt als u spaart. Dat is het voordeel van beleggen boven sparen. Maar beleggen geeft u geen zekerheid. Als u spaart, weet u dat u elk jaar meer krijgt, door de rentevergoeding op uw spaartegoed. Bij beleggingen is het onbekend of u extra opbouwt. Wat u uiteindelijk krijgt, kan minder waard zijn dan wat u hebt uitgegeven.
De belangrijkste keuze die u moet maken is: wilt u dat risico nemen? Of vindt u die onzekerheid onprettig?
Hypotheek en beleggen
U kunt uw hypotheek aflossen door maandelijks een bedrag te beleggen. Aan het einde van de looptijd hoopt u dat de beleggingen meer waard zijn geworden, zodat u de hypotheek kunt aflossen. U kunt ook een losse belegging of hypotheek kopen waarbij de hypotheekverstrekker (een deel van) de inleg voor u belegt. Bekijk goed de voordelen en nadelen van een beleggingshypotheek voor dat u zo’n hypotheek afsluit.
Beleggingsverzekeringen
Dit is een levensverzekering waarbij de maandelijkse premie wordt belegd. Hierdoor is van tevoren onduidelijk hoeveel vermogen u uiteindelijk zal opbouwen. Het hangt ervan af of de beleggingen veel of weinig geld opleveren. Bij beleggingsverzekeringen is het erg belangrijk dat u let op:
- de kosten voor de verzekeraar, de tussenpersoon en de beleggingen;
- de risicopremie voor de overlijdensrisicoverzekering.
Kosten van verzekeraars
Het is lastig om als consument inzicht te krijgen in hoe de verzekeraar de kosten berekent. Dat kan op verschillende manieren. Informeer goed welke kosten een verzekeraar allemaal in rekening brengt. Probeer zelf grip te krijgen op die kosten. Schrijf alle kosten op en reken ze om in een bedrag in euro’s. Zo krijgt u meer inzicht.
Risicopremie
Bij sommige verzekeraars bent u verplicht om u te verzekeren tegen vroegtijdig overlijden. Hiervoor betaalt u een risicopremie. Vaak moet u meer premie gaan betalen als de beleggingen minder geld opleveren dan verwacht. Van elke euro die u maandelijks betaalt om te beleggen, bent u dan een groter deel kwijt aan de kosten voor de verzekeraar. Hierdoor wordt een kleiner deel daadwerkelijk belegd, waardoor u ook minder vermogen opbouwt.
Meer weten over beleggingsverzekeringen?
Bekijk de site van de AFM. Lees ook de vraag & antwoord voordat u een beleggingsverzekering afsluit.
Wanneer kan ik beleggen?
Beleggen is risicovoller dan sparen. Beleg daarom alleen het geld dat u kunt missen. Als de belegging slecht gaat en niks meer waard is, moet dit geen gevolgen hebben voor uw dagelijkse leven. U moet dan nog gewoon uw boodschappen kunnen doen en de huur of hypotheek kunnen betalen.
Beantwoord de volgende vragen om te kijken of u kunt beleggen:
- Hoeveel heeft u maandelijks nodig voor de noodzakelijke uitgaven (vaste lasten, voeding, kleding)?
- Hoeveel houdt u dan nog maandelijks over van uw inkomen?
Houdt u maandelijks niets over? Dan is het niet verstandig om te gaan beleggen.
Maak een spaarpotje voor (onverwachte) grote uitgaven
Houdt u maandelijks wel geld over? Dan kunt u dat bedrag niet direct gaan beleggen. Het is belangrijk dat u een spaarpotje heeft voor grotere uitgaven in de nabije toekomst. Bijvoorbeeld als u op vakantie wilt of om de reparatie van de auto te kunnen betalen. Of de wasmachine te vervangen als die plotseling kapot gaat. De opbrengt van een belegging is onzeker. Daarom is het verstandig om op een spaarrekening een bedrag achter de hand te hebben. Bereken met de BufferBerekenaar hoeveel geld u in uw situatie achter de hand zou moeten hebben.
Wat kunt u dan wel beleggen? Kijk hoeveel spaargeld u heeft. Als u meer spaargeld heeft dan de geadviseerde buffer, kunt u het resterende bedrag missen en dus beleggen. Met dat geld kunt u meer risico nemen. Maar het hoeft niet. Houdt u niet van onzekerheden en wilt u niet te veel risico nemen? Doe het dan niet. Daar wordt u alleen maar onrustig van. Zet u het geld dan gewoon op een spaarrekening.
Waar moet u op letten als u gaat beleggen?
Het belangrijkste is: weet wat u wilt kopen en weet wat u koopt. Als u weet wat u wilt, wordt u ook niets aangepraat. Zet daarom van tevoren uw wensen op een rij, bijvoorbeeld of u veel of weinig risico wilt nemen. Zorg dat u achteraf niet voor verrassingen komt te staan. Laat u goed informeren. Als u iets niet begrijpt, koop het dan niet. Zie ook: Toezicht en advies.
