Home > Sparen & vermogen > Vermogen > Banksparen

Sparen voor later met belastingvoordeel

Banksparen

Banksparen - ook wel lijfrentesparen genoemd - is een alternatief voor levensverzekeringen. Banksparen is sparen met belastingvoordeel. Voorwaarde is dat u het tegoed gebruikt voor uw pensioen of voor de aflossing van uw hypotheek.

Wat is banksparen?

Bij banksparen spaart u geld op een speciale, geblokkeerde rekening: de bankspaarrekening. Het spaartegoed kunt u niet op elk willekeurig moment opnemen. U kunt een bankspaarproduct voor één van de volgende doeleinden afsluiten:

  • ter aanvulling van een pensioentekort
  • voor de aflossing van uw hypotheek

Bij banksparen kunt u recht hebben op een belastingvoordeel als u voldoet aan de voorwaarden. De voorwaarden verschillen tussen de twee spaardoeleinden. Hieronder staan ze op een rijtje.

Banksparen voor uw pensioen

Opbouw spaartegoed

Als u een pensioentekort heeft, kunt u belastingvrij vermogen opbouwen voor uw pensioen op een bankspaarrekening. Om vast te stellen of u een pensioentekort heeft en hoe hoog dit tekort is, wordt in de belastingaangifte gekeken naar het gebrek aan pensioenopbouw in het jaar zelf (de jaarruimte) én in de voorgaande zeven jaren (de reserveringsruimte). U kunt jaarlijks niet meer belastingvrij sparen dan het berekende pensioentekort.
De berekening van het pensioentekort is bij banksparen en een lijfrenteverzekering hetzelfde.

Uitkering spaartegoed

Bij pensionering wordt het opgebouwde spaartegoed maandelijks of jaarlijks uitgekeerd. De periodieke uitkeringen moeten tussen uw 65ste en 70ste ingaan.

  • Laat u jaarlijks meer dan €20.097 uitkeren? Dan moet u minimaal 20 jaar lang geld uit laten keren om recht te hebben op het belastingvoordeel.
  • Is de jaarlijkse uitkering minder dan €20.097? Dan kunt u de periodieke uitkeringen ook verdelen over minstens 5 jaar (in plaats van 20 jaar).
  • Wilt u de uitkering al voor uw 65ste laten ingaan? Dan moet u het totale spaartegoed over een langere periode verdelen, namelijk 20 jaar  + het aantal jaren dat u jonger bent dan 65 jaar.

Banksparen voor de aflossing van uw hypotheek

Wilt u sparen voor de aflossing van een spaar- of een beleggingshypotheek, dat kunt u tegenwoordig in plaats van een kapitaalverzekering eigen woning (KEW) ook kiezen voor banksparen. Banksparen heet in dat geval dan een ‘spaarrekening eigen woning’ (SEW). Dit levert u belastingvoordeel op:

  • U hoeft geen vermogensbelasting (box 3) te betalen over het opgebouwde spaartegoed.
  • U bent in box 1 pas belasting verschuldigd over het rentevoordeel dat u behaalt boven een bepaalde vrijstelling.

U komt in aanmerking voor dit belastingvoordeel als u aan bepaalde voorwaarden voldoet. Zo bent u verplicht het opgebouwde spaartegoed te gebruiken voor de aflossing van de hypotheek. De looptijd van de spaarrekening eigen woning is maximaal 30 jaar. U mag niet tussentijds geld van de bankspaarrekening afhalen, alleen als u de hypotheek aflost.

U stort maandelijks of jaarlijks een bedrag op de spaarrekening eigen woning. Dit hoogte van dit bedrag is zo vastgesteld dat u aan het einde van de looptijd van de hypotheek (een deel van) de hypotheekschuld kunt aflossen. Belangrijk is: over de gehele looptijd mag de hoogste inleg in een jaar niet meer zijn dan 10x de laagste jaarinleg. 

U hebt alleen recht op het belastingvoordeel als u minimaal 15 jaar een bedrag stort op de bankspaarrekening. Spaart u minimaal 15 jaar, dan is maximaal € 33.500 van het totale spaartegoed vrijgesteld. Heeft u minstens 20 jaar een bedrag dan is de maximale vrijstelling € 147.500. De vrijstelling geldt per belastingplichtige. Heeft u een partner waarmee u samen de hypotheek betaalt, dan heeft u dus recht op 2x deze vrijstelling. Boven de vrijstelling betaalt u belasting in box 1.

Het belastingvoordeel en de voorwaarden hierbij zijn voor het banksparen en de kapitaalverzekering hetzelfde.

Overlijdensrisicoverzekering

Aan een kapitaalverzekering voor de aflossing van een hypotheek, is in de meeste gevallen een overlijdensrisicoverzekering gekoppeld. Bij banksparen is dit niet verplicht. U kunt wel los van de bankspaarrekening een overlijdensrisicoverzekering afsluiten, zodat bij het overlijden van u of uw partner een bedrag vrijkomt of een deel van de hypotheek wordt afgelost.

Wilt u van uw kapitaalverzekering overstappen naar banksparen, houdt er dan rekening mee dat u de overlijdensrisicoverzekering opnieuw moet afsluiten. U gaat dan meer premie betalen, omdat uw inmiddels hogere leeftijd een groter risico vormt voor de verzekeraar. Misschien zijn die kosten zelfs zo hoog dat het niet rendabel is om over te stappen. Laat u hierover goed informeren.

Banksparen of een lijfrenteverzekering?

De meeste voorwaarden die bij een lijfrenteverzekering gelden, gelden ook bij banksparen. Waarvoor u kiest, is persoonlijk.

Banksparen is relatief eenvoudig: u spaart een bepaald bedrag voor uw pensioen. Lijfrenteverzekeringen zijn vaak ingewikkelder. Er bestaan allerlei varianten en bovendien kunt u kiezen voor een nabestaanden- en arbeidsongeschiktheidsverzekering. Door al die mogelijkheden zijn lijfrenteverzekeringen en banksparen moeilijk met elkaar te vergelijken. Bij uw keuze is het belangrijk om in ieder geval te letten op:

  • de maandelijkse kosten (de inleg/premie + aanvullende kosten)
  • * de periodieke uitkering later (als u spaart voor uw pensioen)
    * de totale opgebouwde vermogen (als u spaart voor de aflossing van de hypotheek)
  • de rente op het opgebouwde vermogen
  • de zekerheid op een bepaalde uitkering 
  • de gevolgen bij ziekte, werkloosheid en overlijden
  • uw huishoudsituatie

Of u bepaalde risico’s wilt verzekeren, hangt af van uw eigen situatie en voorkeuren. Misschien heeft u geen directe nabestaanden of heeft uw partner voldoende inkomen na uw overlijden. In beide gevallen is het dan niet nodig om iets te regelen voor na uw overlijden.

Wilt u banksparen gebruiken voor het aflossen van de hypotheekschuld? Bedenk dan of u wel of niet een overlijdensrisicoverzekering wilt hebben. Bij een kapitaalverzekering eigen woning zit is er al een overlijdensrisicoverzekering in verwerkt. Bij banksparen is dat niet het geval. De vraag is of het nodig is dat (een deel van de) hypotheek wordt afgelost als u overlijdt. Als u geen nabestaanden heeft aan wie u hypotheekvrij huis wilt nalaten, dan is een overlijdensrisicoverzekering minder noodzakelijk. 
 
Spaart u ter aanvulling van uw pensioen? Dan is het goed om rekening te houden met zogenaamde langlevenrisico. Een lijfrente keert uit tot aan uw overlijden, ongeacht hoe oud u wordt. Bij banksparen spreekt u af in hoeveel jaar tijd het spaartegoed wordt uitbetaald; dat moet vaak minimaal tot aan uw 85ste zijn. Mocht u langer leven dan de afgesproken periode, dan is uw tegoed op en heeft u niet langer recht op een uitkering.

Op het moment dat u uw vermogen opbouwt en u komt te overlijden, dan zijn bij dit spaardoel (pensioen) de verschillen tussen banksparen en een lijfrenteverzekering beperkt. Maar overlijdt op het moment dat u jaarlijks een bedrag krijgt uitgekeerd (meestal na uw 65ste), dan zijn de verschillen groter. Een lijfrente stopt op het moment dat u overlijdt. Uw nabestaanden ontvangen niets, tenzij u een overlijdensrisicoverzekering heeft afgesloten. Bij banksparen hebben uw nabestaanden recht op het resterende bedrag op de bankspaarrekening.

Wilt u een keuze maken tussen banksparen en een lijfrenteverzekering, maak dan eerst een lijstje met punten die voor u belangrijk zijn. Op basis daarvan kunt u de verschillende mogelijkheden met elkaar vergelijken. Overstappen van een lijfrenteverzekering naar banksparen kan ook, maar ga voor uzelf goed na of daar voordelen aan zijn verbonden. Overstappen kan kostbaar zijn. U zult de lijfrenteverzekering moeten afkopen, en dat is meestal duur. Die kosten kunnen zelfs zo hoog zijn, dat het niet rendabel is om over te stappen. Laat u hierover goed informeren.

Verschil met 'gewoon' sparen

Op een gewone spaarrekening betaalt u vermogensbelasting boven een vrijstelling van €20.661. U kunt dan sparen voor elk doel, en u bepaalt zelf hoeveel en wanneer u spaart, en wanneer u het geld van de spaarrekening haalt. Bij banksparen voor het pensioen betaalt u daarentegen belasting over het tegoed op het moment dat u het laat uitbetalen. Toch hoeft u bij het banksparen minder belasting te betalen over uw vermogen dan wanneer u het op een gewone spaarrekening heeft staan.

In plaats van banksparen, kunt u ook kiezen voor beleggen. U sluit dan een speciaal beleggingsrecht af via een beleggingsinstelling. 


Print

Stuur door

zoeken