Home > Inkomsten > Inkomen uit werk > Levensloopregeling

Levensloop: sparen voor verlof

Levensloopregeling voor zorgverlof

Met de levensloopregeling spaart u een deel van uw brutosalaris. Dit spaargeld kunt u opnemen als u later een tijd met verlof wilt gaan, bijvoorbeeld zorgverlof, ouderschapsverlof, een sabbatical of educatief verlof. U kunt de levensloopregeling ook gebruiken om eerder met pensioen te gaan.

Hoe spaart u?

Als u werknemer bent in Nederland kunt u meedoen. Het geld dat u spaart wordt op een speciale persoonlijke spaarrekening gestort. U kunt uw geld onderbrengen bij een verzekeraar, bank, dochter van een pensioenfonds of beheerder van een beleggingsinstelling. Ga daarom eerst bij uzelf na of u wilt sparen of beleggen.

Als u zeker weet dat u verlof op wilt nemen, dan is de levensloopregeling een aantrekkelijke optie. U moet wel nagaan of u geld opzij kunt en wilt zetten, gezien uw uitgaven. Met het Persoonlijk Budgetadvies kunt u nagaan of er binnen uw budget ruimte over is om te sparen.

Belasting- en premieheffing

U hoeft geen belasting te betalen als u spaart via de levensloopregeling. Wel worden over het bedrag dat u spaart pensioenpremies en premies voor de werknemersverzekeringen ingehouden. Hierdoor heeft de levensloopregeling geen gevolgen voor een eventuele WW- of arbeidsongeschiktheidsuitkering. Pas als u het spaartegoed opneemt, betaalt u de loonbelasting en de inkomensafhankelijke bijdrage voor uw zorgverzekering.

Extra heffingskorting

Als u spaart via de levensloopregeling, hebt u recht op een extra heffingskorting van €199,- per jaar dat u heeft gespaard. Deze korting krijgt u als u geld opneemt van uw levenslooprekening.

Hoeveel mag ik sparen?

U mag jaarlijks maximaal 12% van uw brutosalaris sparen. Het maximumbedrag dat u mag sparen is 210% van uw bruto jaarsalaris. Als u een bedrag opneemt, mag u het daarna weer aanvullen tot die 210%.

Bent u op 31 december 2009 55 jaar of ouder, maar nog geen 60 jaar? Dan mag u per jaar meer dan 12% van uw brutosalaris sparen. In totaal mag u maximaal 210% van het bruto jaarsalaris sparen.

Als u op 31 december 2009 60 jaar of ouder was dan geldt er geen overgangsregeling. U kunt gebruikmaken van de VUT en prepensioenregelingen met bijbehorende fiscale voordelen.

Verlof en spaargeld opnemen

Als u onbetaald verlof op wilt nemen, hebt u toestemming nodig van uw werkgever. Dit geldt niet als u ouderschapsverlof wilt opnemen. Langdurend zorgverlof kan uw werkgever alleen weigeren als uw verlof het bedrijf in ernstige problemen brengt. Uw werkgever moet hiervoor goede argumenten hebben.

Als u geld wilt opnemen van uw levenslooprekening, dan geeft u dit aan bij de instelling die uw geld beheert, bijvoorbeeld uw bank. Die instelling maakt het geld over naar uw werkgever. Uw werkgever houdt hierop loonheffing in, zoals loonbelasting en de premie volksverzekeringen. U kunt nooit meer ontvangen dan 100% van uw laatstverdiende loon. U kunt er natuurlijk ook voor kiezen om een gedeelte van het gespaarde bedrag op te nemen.

Een nieuwe baan?

Als u verandert van werkgever, kunt u uw gespaarde bedrag gewoon meenemen naar de nieuwe werkgever. De nieuwe werkgever kan wel andere eisen hanteren, wanneer u verlof zou willen opnemen. Als u werkloos of arbeidsongeschikt raakt, dan kunt u niets opnemen. Dit is immers bedoeld voor verlof.

Levensloop of spaarloon?

Per jaar kunt u kiezen voor de levensloopregeling of de spaarloonregeling. Het voordeel van het spaarloon is dat het bedrag na vier jaar vrijvalt. U kunt zelf bepalen wat u daar mee doet. Bij de levensloop kunt u het spaartegoed alleen gebruiken voor verlof, maar u kunt wel meer sparen dan bij spaarloon.

Meer informatie


Print

Stuur door

zoeken